Oeroude steen voor nieuw elan (deel I)

Jul 13
Geplaatst door
Winkelcentrum Aan de Kei - Mebest 2017 nr. 3

(foto: Jan Willem Kommer)

Aan de Kei is niet zomaar een nieuw winkelcentrum. Het is een symbool van veerkracht, een teken dat Valkenburg aan de Geul nog springlevend is. En een signaal dat mergelsteen nog lang niet afgeschreven mag worden. 

Neerwaartse spiraal

Wie Valkenburg zegt, zegt mergel. Vanwege de grotten uiteraard, maar ook door de ruïnes van het 12e eeuwse kasteel en van de twee eeuwen jongere vestingwallen; beide gebouwd met lokaal gewonnen mergelsteen. Ook in de eeuwen daarna zijn veel gebouwen in het Zuid-Limburgse plaatsje uit dat materiaal opgetrokken, met nieuw gewonnen steen en stukken van het verwoeste kasteel. Door de opkomst van baksteen is het authentieke natuurproduct echter meer en meer uit het straatbeeld verdwenen.

Valkenburg zelf verging niet heel veel anders. In het laatste kwart van de vorige eeuw werd de rol van regionaal koopcentrum steeds kleiner en ook het massatoerisme waar Valkenburg vooral in de jaren zeventig wel bij voer, kalfde af. En zoals altijd volgde in het kielzog van de teruglopende inkomsten een stijgende werkloosheid.

Worstelen en bovenkomen

Het was even zoeken naar antwoorden op deze somber stemmende ontwikkelingen. Met het Centrumplan lijkt de gemeente ze echter te hebben gevonden. Valkenburg wil met kwaliteiten als de unieke historie en de lokale natuurschatten publiek lokken en zich nadrukkelijker profileren als winkelstad. In het nieuwe winkelcentrum Aan de Kei komen die zaken samen. De oude winkellocatie aan de Louis van der Maesenstraat is gesloopt en vervangen door 5.100 m2 nieuwe winkelruimte, circa 50 appartementen en een openbare ondergrondse parkeergarage met zo’n 300 parkeerplaatsen. Voor het aangezicht van de panden zocht de gemeente nadrukkelijk aansluiting bij historisch Valkenburg; een groot gedeelte van de gevels is uitgevoerd in mergelsteen.

Mergel, maar met mate

Een goed initiatief, vindt Peter Kleijnen van Mergelbouwsteen Kleijnen BV. “Wil je je als Valkenburg onderscheiden, dan moet je de unieke regionale kwaliteiten naar voren laten komen. Mergel toepassen én laten zien dus.” Maar hoewel zijn bedrijf mergelsteen wint, bewerkt én verwerkt, vindt hij het wel een verstandig besluit dat er ook baksteen en pleisterwerk zijn gebruikt voor de gevels van het winkelcentrum. “Als je héél Valkenburg van mergel maakt, dan valt het niet meer op. Dan zie je dat stukje geschiedenis niet. Door délen in mergel te doen zie je de kleuren, de variatie, de beweging van de tijd door de stad.” In totaal zijn drie hoekpanden van het nieuwe winkelcentrum voorzien van een buitenblad in de authentieke steen, twee ervan in combinatie met Kunrader steen voor de plint, en eentje in combinatie met pleisterwerk.

NIET op de automatische piloot

Toen duidelijk werd dat mergelsteen een belangrijk onderdeel van het nieuwe winkelcentrum zou worden, trok Kleijnen onmiddellijk bij gemeente aan de bel. “Doordat de steen niet meer zo vaak in nieuwbouw wordt toegepast, is er bij ontwerpers en aannemers veel kennis van het materiaal verloren gegaan. Dat brengt risico’s met zich mee. Je kunt prima met mergelsteen bouwen, kijk maar naar al die gebouwen van honderden jaren oud, maar niet zomaar op alle moderne manieren. Daarom hebben we tegen de gemeente gezegd: Ga niet meteen beginnen met tekenen en ontwerpen voor je weet waar je mee te maken hebt, maar kom eerst bij ons kijken en met ons praten. Doordat we er al jarenlang dagelijks met onze neus bovenop zitten, hebben wij nog wél kennis van deze steen.”

Liever een strekboog

Uiteindelijk heeft Mergelbouw Kleijnen niet alleen advies kunnen geven maar het mergelwerk ook uitgevoerd. Een verstandige keuze want de materiaalkennis van het bedrijf uit Valkenburg heeft mogelijke schade aan de buitenbladen voorkomen. Bij de ramen was in het ontwerp een stalen overspanning opgenomen. De combinatie van mergel met staal is echter geen gelukkige. Het metaal zet in verhouding enorm uit terwijl de steen dat juist vrijwel niet doet. Dat verschil kan voor enorme scheuren in de mergel zorgen. “Daarom werken we in mergelsteen altijd met een strekboog”, zegt Arnout Sluijsmans, mede-eigenaar van het bedrijf uit Valkenburg. “Het enige probleem is dat daarbij de neerwaartse kracht zijdelings wordt overgezet. Nou zitten de ramen vrij dicht opeen dus houden ze elkaar in evenwicht, maar op de hoeken hadden we een beperkte maat. Daar heb je dan kans dat de stenen naar buiten worden gedrukt. Om dat te voorkomen hebben we bij iedere buitenste raambrug de boogstenen en de aanzetsteen doorgeboord en ze met rvs draadeinden aan elkaar gekoppeld. Een verbinding waar je niets van ziet, terwijl je anders wel altijd van onderaf tegen de stalen latei had aangekeken.”

Dik is beter

Bij gevels van hardsteen worden meestal platen van zo’n vier centimeter dikte gebruikt. De zachte en enigszins poreuze mergelsteen laat zo’n beperkte afmeting niet toe, weet Peter Kleijnen uit ervaring. “Je bouwt natuurlijk nooit met de bedoeling dat het over 700 jaar een prachtig monument moet zijn, maar wil je een beetje levensduur kunnen garanderen dan moet de steen minstens twaalf centimeter dik zijn. En dan moet het ook nog om een droge plek gaan. Dat is hier natuurlijk niet het geval, daarom hebben we blokken van 15 cm dik gebruikt.”

Lees verder in deel II van ‘Oeroude steen voor nieuw elan’.

Dit artikel is ook gepubliceerd in Mebest nr. 3 van 2017

Geplaats in: Natuursteen
Tags: ,

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *


4 × nine =

Background