De Hub: een beetje thuiswerken op kantoor

Jul 2
Geplaatst door
(foto: Klokhuys tekst en foto)

(foto: Klokhuys tekst en foto)

Mix bezieling en betrokkenheid met beton, glas, staal en hout en je krijgt een levendig, eigentijds en doordacht gebouw. De Hub in Alkmaar ziet er fijn minimalistisch en industrieel uit maar dat gaat niet ten koste van akoestisch comfort. 

Opvallende keuze

Digital Valley was de werknaam die MONK architecten uit Utrecht van de opdrachtgevers had meegekregen voor het gebouw dat ze wilden laten bouwen. Tim en Chris Obdam verdienen hun brood namelijk in de IT-wereld. Vier ondernemingen hebben de broers in die sector; met Holder ontwikkelen ze applicaties, met Betty Blocks bieden ze een platform voor mensen die zelf applicaties ontwikkelen, Nerd as a Service levert IT consultancy en Woeler is een online marketing bureau. Tot voor kort waren de succesvolle bedrijven in Obdam gevestigd maar vanwege groei moest de Westfriese gemeente worden verlaten. Niet dat daar geen ruimte is, maar voldoende goed personeel was een ander verhaal. Natuurlijk biedt Amsterdam dat in overvloed, maar in de hoofdstad is elk IT-bedrijf er één van velen. In Alkmaar lag dat anders, daar kon een gebouw worden neergezet dat in het oog springt, een prettige omgeving biedt waar mensen graag willen werken.
Een pitch tussen een aantal architectenbureau’s moest dat droomgebouw opleveren. MONK architecten was verantwoordelijk voor het winnende ontwerp. Het Utrechtse bureau van Casper Schuuring had een uitvoerige analyse gemaakt van de vier IT-bedrijven. Dat heeft een gebouw opgeleverd waaraan je kunt aflezen hoe de bedrijven er in werken. “De gevel bestaat uit kleine herkenbare elementen die steeds terugkomen”, licht de architect toe. “Een ritmiek die we hebben gebaseerd op hoe ze softwarepakketten maken; die worden opgebouwd uit allemaal kleine blokken.”

Het nieuwe Nieuwe Werken?

De relaties die de vier bedrijven met elkaar hebben en de manier waarop ze werken, heeft de architect eveneens bekeken en meegenomen. Omdat de medewerkers van de vier bedrijven in kleinere of grote groepjes door elkaar heen zitten, hoefde er niet voor elk bedrijf een aparte ruimte in het gebouw te komen. Maar één grote open ruimte was ook niet de bedoeling, de IT-specialisten moeten geconcentreerd kunnen werken. MONK maakte gebruik van een beproefd recept uit eerdere ontwerpen. ”We maken vaak grote, brede gangen met daaromheen compacte kantoren waar mensen hun vaste werkplek hebben. De brede gangen vormen een soort pleinen waar ook allerlei mogelijkheden zijn om te werken, om te overleggen, te telefoneren. Deze oplossing creëert verbinding. Dat is nodig want wanneer je alleen aparte werkkamers maakt, dan bestaat het risico dat medewerkers niemand zien, niemand tegenkomen. Nu hebben ze alle gelegenheid om even van de eigen werkplek weg te gaan en elkaar te treffen.”

Minder water meer ontwerpvrijheid

Ook de verticale koppeling die MONK in het vier lagen tellende gebouw maakte, zorgt voor meer contact en interactie. “Door de vides kun je op allerlei manieren je collega’s zien zitten en lopen. Dat nodigt uit om zelf ook in beweging te komen, een praatje te gaan maken.” Voorwaarde voor succes van dat concept is natuurlijk wel dat de kantoren geen gesloten compartimenten zijn. Vandaar de keuze voor glazen scheidingswanden; die zorgen voor maximale transparantie. De Slimline ClearVision wanden van Verwol bestaan uit niet veel meer dan glazen panelen die met een naadje van elkaar worden gescheiden. Geen zware frames dus, alleen rondom de deuren is een slank kader. En ook de onvermijdelijke boven- en onderbakken zijn bescheiden. “Ik wilde het allemaal zo open mogelijk hebben”, zegt Casper Schuuring. “Daarom is het ook heel belangrijk dat we hier hebben kunnen werken met één van de eerste niet traditionele sprinklerinstallaties die wél is goedgekeurd door de brandweer. Dankzij de mistsprinkler hebben we bijvoorbeeld die glazen wanden niet zwaar brandwerend hoeven uitvoeren. Je heb veel meer ontwerpvrijheid doordat bijvoorbeeld compartimenten groter mogen en de materiaaleisen minder streng zijn dankzij dit systeem. Een gewone sprinklerinstallatie biedt die vrijheid ook wel, maar omdat de waterleiding onvoldoende druk levert, heb je dan ongeveer een zwembad aan water nodig in je gebouw.”

Hoog scorende prijzenkast

Holder, Betty Blocks, Woeler en Nerd as a Service zijn jonge maar vooral razendsnel groeiende bedrijven. Vooral dat laatste zorgt ervoor dat lang niet alle medewerkers elkaar kennen. “Begrijpelijk, maar niet goed”, vindt Casper Schuuring. “Daar hebben we met het ontwerp geprobeerd iets aan te doen.” De open sfeer en de verticale koppeling bijvoorbeeld, maar ook door meubilair te ontwerpen en materiaal te kiezen dat bijdraagt aan een thuis-gevoel. “Want al is het werk, je mag het best prettig vinden om er te zijn”, zegt de architect. “De ‘prijzenkast’ bijvoorbeeld moet er aan bijdragen dat mensen snel het gevoel krijgen dat ze erbij horen. Het is een soort grote letterkast die langs de trap omhoog loopt naar de eerste verdieping en waar medewerkers allerlei persoonlijke dingen in zetten. Het idee is dat je je collega’s leert kennen door wat er in die kast staat.”

Bedrijfsbrede betonvloer

Het bedrijfsrestaurant loopt eveneens langs de trap omhoog. De niveauverschillen houden gelijke tred met de trap, vier treden voor één terras. Elk terras is diep genoeg voor een tafel en vier stoelen. Die kunnen er gemakkelijk van verwijderd worden zodat er een soort tribune ontstaat, voor presentaties. Waar kast en trap van hout (Tarara Amarillo) zijn gemaakt, zijn de terrassen uitgevoerd in beton. “Net als alle vloeren in het gebouw”, zegt Casper Schuuring. “De constructie bestaat uit een stalen frame waar kanaalplaten in liggen. Vanwege de overspanning heb je een druklaag nodig. Heb je een druklaag, dan heb je een betonvloer. Zonde om daar dan weer een zandcementvloer en weer een betonlook afwerking op aan te brengen. Want daar kom je toch op uit; het zijn jonge gasten, die willen een hip en eigentijds gebouw.”
Uiteraard moest het beton wel worden gepolijst voor zo’n kantooromgeving en was er een beschermende laag nodig. Anders is het niet meer schoon te krijgen als er een kopje koffie overheen gaat. “Dit is een vloer van Loos Betonvloeren”, zegt de architect. “Zij werken niet met een impregneer maar met een coating. Strikt genomen is het dus geen monolithisch afgewerkte betonvloer. Maar hij oogt wel naar wens.”

Akoestische klimaatplafonds

De Loos-vloer ligt door het hele gebouw. Combineer dat met de glazen gevels met de aluminium kaders, de glazen scheidingswanden en zo’n 150 mensen en alle ingrediënten voor een rumoerige omgeving zijn aanwezig. Vooral ook omdat geheel volgens de minimalistische lijn de kanaalplaten tevens plafond zijn. Geen systeemplafond dus maar beton en installaties vol in beeld. “We vinden een verlaagd plafond zonde, het scheelt je al snel 60 cm in hoogte”, verklaart Casper Schuuring. “En het akoestische vraagstuk kun je ook op een andere manier aanpakken, met klimaatplafonds bijvoorbeeld.” Hier is dat de Hook-On van Integra: 150 x 50 cm grote panelen van strekmetaal waar leidingen voor verwarmen en koelen op zijn aangebracht. Op de panelen liggen ook akoestische dekens van 35 mm dik steenwol verpakt in PE-folie die voor de geluidsabsorptie zorgen. De methode is toegepast in de kantoorkamers. In de grote open pleinen, op de plekken waar zitjes zijn gemaakt voor bijvoorbeeld een informeel overleg of een bakje koffie, is op het plafond een kader gemaakt waar zo’n 3,5 cm dikke laag Sonaspray in is gespoten. De geluiddempende plafondafwerking van Asona doet het goed, zeker met de hulp van vloerkleden. “En wie echt heel rustig wil zitten voor een vertrouwelijke bespreking of een belangrijk telefoontje, kan gebruik maken van de Crunch Isles. Dat zijn een soort nisjes die volledig zijn bekleed met een heel dikke laag geluidsabsorberend materiaal en een 3D bekleding. Alle geluid blijft in dat hokje en geluid van buiten komt er niet in.”

Trouw aan het ontwerp

De Hub wijkt nauwelijks af van het ontwerp waarmee MONK architecten de tender won. Hier en daar is het een centimetertje meer of minder geworden en de kleur van de gevel is aangepast. Maar dat zijn marginale wijzigingen; vooral vergeleken met wat Schuuring regelmatig ziet gebeuren in de wondere wereld van tenders. “Om de opdracht binnen te slepen wordt niet zelden alles uit de kast gehaald zonder er rekening mee te houden of het wel gerealiseerd kan worden, of het budget dat wel toestaat. Je ziet dan dat er iets heel anders wordt neergezet als waar de tender mee is gewonnen. Ook wel omdat opdrachtgevers gaandeweg gaan afwijken. Dit gebouw is precies zo geworden als het ontwerp beloofde. Dit is wat we bij de tender hebben laten zien en waarvan de opdrachtgever zei: ‘Mooi! Zo moet het worden!’ En daar zijn ze ook tijdens het proces continu aan blijven vasthouden.” Gevolg was wel dat de opdrachtgever zeer betrokken is geweest bij de realisatie van het ontwerp, zich nadrukkelijk heeft bemoeit met de uitvoering.
“Zo’n betrokkenheid heb ik nog niet eerder meegemaakt. Het is wel eens lastig geweest maar aan de andere kant ook heel positief want ze bleven heel trouw aan het ontwerp, aan doel en functie. We werken graag voor dit soort opdrachtgevers; die eigenaar blijven van het gebouw, er zelf gebruik van gaan maken. Ze hebben er alle belang bij om het goed te krijgen. Het is immers ook hun pensioen, moet op lange termijn geld opleveren. Dat kan niet met een anoniem gebouw dat kwalitatief niet in orde is. Dat zo’n opdrachtgever het dan af en toe beter denkt te weten dan ik, vind ik geen probleem. Ik sta open voor ideeën, voor argumenten. En wie weet, misschien weet hij het ook wel beter.”

De Hub

Opdrachtgever:Holder, Alkmaar
Architect:MONK architecten, Utrecht
Aannemer: Bot Bouw, Heerhugowaard
Interieur: Martens interieurbouw, Voorthuizen
Vloeren: Loos Betonvloeren, Obdam
Systeemwanden:Verwol, Opmeer
Klimaatplafonds: Integra, Westzaan
 

Over MONK Architecten

In 1997 richtte Casper Schuuring samen met een partner MONK architecten op. Al vrij snel na de start was Schuuring de enige eigenaar. Afgestuurd in architectuur en deels in biologie ontwerpt Schuuring vanuit een ecosysteem-gedachte; gebouwen waarin mensen zich prettig voelen doordat alle fysieke en gebruiksaspecten er in evenwicht zijn. Dat zijn geen ontwerpen die op eenvoudige wijze tot stand komen. MONK staat dan ook voor monnikenwerk; voor arbeidsintensieve processen en voor bezieling; en ook voor eenvoud, terugbrengen naar essentie.
In totaal werken er nu acht mensen bij het Utrechtse architectenbureau. De clientèle komt vooral uit de zakelijke hoek. Dat zijn doorgaans geen projectontwikkelaars. Een bewuste keuze van MONK dat liever geen ‘anonieme gebouwen maakt die als financieel product worden neergezet’, maar graag van begin af aan betrokken is bij de planvorming rondom een gebouw. Casper Schuuring: “We willen graag veel invloed hebben op wat je in zo’n gebouw kunt doen en hoe je het zou moeten vormgeven, wat de functies zijn. Zodat het beter aansluit op de wensen van de gebruiker over hoe die er in wil werken of wonen.”

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *


one + 7 =

Background